door Yvette Magrijn
Inspiratiekaart ‘Eten en drinken voor 72 uur’
Wat als de stroom 72 uur uitvalt? De stroomuitval in Spanje laat zien hoe kwetsbaar de maatschappij is. Jouw zorgorganisatie heeft vast al nagedacht over noodscenario’s als er een ramp gebeurt waardoor er geen stroom, water of gas meer is. Vanuit de jouw rol kan je hier ook over meedenken. Wat kun jij in huis hebben voor 72 uur, als er geen stroom is? Denk aan noodvoeding die lang houdbaar is, makkelijk te openen is en warm of koud gegeten kan worden. Zorg dat het eten genoeg voedingsstoffen bevat. Niet alleen handig voor een ramp, maar ook als de boodschappen een dag niet geleverd worden.
Blijf vooral rustig
Het is zo ver, er is een noodsituatie. Hoe handel je in een noodsituatie?
Haal eerst rustig adem. Ga vandaag eens na of er per persoon minstens 2 liter water in huis is. Het advies is :” Zorg voor 1,5–2 liter drinkwater per dag per persoon”. De eerste dag red je zeker met wat er uit de koelkast komt en sap wat op de plank staat. Begin met deze week 2 liter water per persoon in huis te halen.
Maak eerst op wat kan bederven
- Laat de koelkast zo lang mogelijk dicht. Zo blijven je spullen zeker nog 4 uur goed.
- Verwerk eerst de kwetsbare producten zoals vleeswaren, rauw vlees of vis of gesneden groenten. Bij een temperatuur van boven 15 °C kun je andere producten zoals yoghurt en melk ook beter weggooien. Nu komt die losse HACCP-thermometer goed van pas.
- Denk aan de hygiëneregels. Wanneer je producten niet juist kan verwarmen of koelen, neem daar dan afscheid van.
Basisregels hygiënecode op een rijtje:
- Houd rauwe producten gescheiden van bereide producten. Juist omdat je wellicht minder goed kan verhitten tot een temperatuur van 60°C of hoger.
- Kip en varkensvlees moet je verhitten tot 75°C of hoger- dit herken je als het vlees wit ziet.
- Ontdooide producten mag je niet meer invriezen.
- Noteren van afwijking komt later wel, onderneem eerst actie.
door Wenda Linthorst
Deze maand draait het bij Keukentijgers om je eigen boontjes doppen. We nemen je mee in de wereld van peulvruchten, met linzen als voorbeeld. Zo helpen we je om minstens één keer per week peulvruchten op tafel te zetten. Maar ‘je eigen boontjes doppen’ gaat niet alleen over koken. Het gaat ook over hoe jij omgaat met situaties op je werk.
Van wijzen naar aanpakken
Op de werkvloer wijzen we al snel naar een ander als er iets misgaat. Bijvoorbeeld: “Zij heeft niet opgeruimd, dus eten de bewoners nu te laat.” Zulke opmerkingen zijn vaak een teken dat afspraken niet duidelijk zijn of dat de communicatie beter kan. Wat de oorzaak ook is, het belangrijkste is: hoe komen we samen verder?
Begin met het doel
Benoem eerst wat het doel is. Bijvoorbeeld: de bewoners verwachten dat het warme eten om half zes op tafel staat. Ga daarna in gesprek met je collega’s: wat is er nodig om dat voor elkaar te krijgen? Wie doet wat? Als iedereen weet waar hij of zij aan toe is, voorkom je onduidelijkheid en frustratie.
Praat met de juiste mensen
Heb je iets al meerdere keren aangegeven zonder resultaat? Dan is het tijd om het anders aan te pakken. Misschien spreek je de verkeerde persoon aan, of komt je boodschap niet goed over. Richt je tot de juiste collega of de leidinggevende, eventueel samen met iemand die hetzelfde probleem ervaart. Leg rustig uit wat er speelt en kom met een voorstel voor een oplossing. Leidinggevenden waarderen het als je meedenkt en initiatief toont. Jij ervaart het probleem van dichtbij en weet vaak zelf al wat er nodig is om het op te lossen.
Bijt je er twee maanden in vast
Verwacht niet dat alles meteen verandert. Geef jezelf de tijd om ergens aan te werken, bijvoorbeeld twee maanden. Zet je keihard in om het probleem aan te pakken, praat erover met collega’s en blijf positief. Gaat het na een tijdje nog steeds mis? Laat je dan niet ontmoedigen, maar blijf volhouden. Werkt het na die twee maanden nog steeds niet? Dan kun je het met een gerust hart loslaten. Jij hebt je best gedaan. Blijf optimistisch en maak er het beste van.
Wees assertief, niet agressief
Blijf op een duidelijke manier benoemen wat je nodig hebt, zonder beschuldigend te zijn. Assertief zijn betekent dat je het bij jezelf houdt en je intentie helder maakt. Bijvoorbeeld, in plaats van te zeggen: “Ruim het aanrecht op!”, zeg je: “Ik zie dat het aanrecht niet is opgeruimd. Daardoor begin ik later met koken en eten de bewoners te laat. Dat maakt hen onrustig. Wil de dagdienst helpen zorgen dat het eten op tijd klaar is?” Daarmee nodig je uit tot samenwerking in plaats van dat je weerstand oproept.
Los het vandaag nog op
Klagen tijdens je dienst helpt eigenlijk nooit. Vaak voel je jezelf er ook niet beter door. Dus zie je iets wat niet lekker loopt? Ruim die vaat op of pak het aan zonder te mopperen. Je geeft zelf het goede voorbeeld én je voelt je daarna beter. Zo zorg je voor meer rust op de werkvloer en meer plezier in je werk.
Meer plezier in je werk
Je zult merken dat je eigen boontjes doppen eigenlijk best leuk is. Als het je lukt om iets op te lossen, krijg je vanzelf zin om het volgende punt aan te pakken. Zo maak je het werk voor jezelf én je collega’s een stuk leuker, makkelijker en efficiënter.
En nu jij
Wat is op dit moment jouw grootste ergernis op het werk? Welk probleem wil jij de komende twee maanden aanpakken? En welke boontjes ga jij zelf doppen?
door Wenda Linthorst
Spel van verleiden: Daar zit een luchtje aan!
Deze maand draait alles om Fris & Fruitig, en dat gaat verder dan alleen een stukje fruit op het bord. We willen je uitnodigen om met een frisse blik te kijken naar hoe je met kleine, slimme prikkels—oftewel nudges—grote effecten kunt bereiken in de zorg. Of het nu gaat om het stimuleren van eetlust, het verbeteren van de sfeer of het verhogen van het welzijn: geur en fruit spelen daarin een verrassend krachtige rol.
Fruit als uitnodiging
In de zorg streven we ernaar om bewoners minstens twee keer per dag fruit aan te bieden. Niet alleen als handfruit, maar ook verwerkt in een nagerecht, maaltijd of als verleidelijke snack tussendoor. Denk eens aan hoe je fruit aantrekkelijk kunt presenteren of juist geur kunt inzetten om bewoners op een subtiele manier richting gezonder eetgedrag te nudgen.
Ruikt het fris en fruitig?
De invloed van geur is fascinerend. Grote winkelketens en horecazaken weten het al jaren: de juiste geur kan gedrag sturen. De geur van vers afgebakken brood op zondagochtend zorgt ervoor dat je plots zin hebt in een croissant—zonder dat je het bewust overweegt. Dit is nudging in z’n puurste vorm: een klein duwtje in de juiste richting, zonder dat je het doorhebt. In zorgomgevingen kunnen we op dezelfde manier geurdispersers of geurstokjes inzetten. Of het nu citrus, hout of vers gemaaid gras is, de juiste geur draagt bij aan een prettige, activerende sfeer. Zorg er wel voor dat de geur subtiel blijft, zodat het geen overprikkeling veroorzaakt.
Waarom geur werkt: het brein & het limbisch systeem
Geur komt direct binnen in het limbisch systeem, het deel van ons brein waar emoties en herinneringen worden opgeslagen. Daardoor zijn geuren vaak onbewust verbonden met bepaalde gevoelens of momenten uit het verleden. Het mooie? Bewoners worden door geuren vaak ongemerkt in een bepaalde stemming gebracht. Dat maakt geur een krachtige nudge: het activeert gedrag via gevoel, zonder dat daar bewuste keuzes aan voorafgaan.
Onderzoek toont aan dat mensen zich prettiger voelen bij een lichte, aangename geur. Zo zorgde een citrusmix van citroen, sinaasappel en grapefruit in een onderzoek uit 2003 voor een beter humeur bij deelnemers. Die geur kun je verspreiden met geurstokjes of dispensers, maar ook door het bereiden van eten of maken van sapjes. Makkelijk én effectief!
De kracht van geur van eten
Een andere effectieve nudge: de geur van vers eten. Door bijvoorbeeld een broodje even kort in de oven te leggen (of alleen de kapjes, puur voor de geur!) activeer je het hongergevoel. Of bereid één keer per week een geurige maaltijd al vroeg op de dag, zoals stoofpeertjes, zodat de geur zich verspreidt en de trek voor de avondmaaltijd groeit.
Nudging in jouw praktijk
Steeds meer organisaties zetten in op welzijn en leefplezier. Geur kan daar een verrassend eenvoudige, maar krachtige rol in spelen. Het is een manier om bewoners (én collega’s!) zachtjes te sturen zonder dwang, puur via beleving.
Kortom: door geur bewust in te zetten, speel je het spel van verleiding op een slimme manier. Het vraagt geen extra tijd, maar levert wél extra energie en een fijne sfeer op.
Fris & Fruitig ruikt dus niet alleen lekker, het nudgt ons allemaal nét een beetje in de goede richting.
door Yvette Magrijn
Inspiratiekaart ‘Hartig fruit in de maaltijd’
Niet te verwarren met harig fruit, zoals een kiwi. En het is meer dan met de gebakken peren blijven zitten. Niet iedereen houdt van warm fruit. Denk maar aan de discussie over ananas op pizza! Toch kun je fruit goed gebruiken in hartige gerechten. Zo krijg je makkelijker die 2 stuks fruit per dag binnen. En het is ook nog eens lekker én voedzaam.
Zoet plus…
Bij jonge kinderen valt zoet vaak goed. Bij ouderen – zeker mensen met dementie – werkt dat net zo. Maar… in plaats van suiker kun je ook fruit gebruiken om gerechten nét wat zoeter te maken. Zo voeg je meteen vitamines, vezels en smaak toe.
Zo gebruik je fruit meer
Appel
- Gebakken of gepoft bij rode kool
- Hete bliksem (appel & aardappel)
- Gestoomde kwart appel in schil in plaats van appelmoes
Peer
- Met brie en ui als een tarte tatin
- Gebakken peren bij witlof met aardappelpuree
- Met blauwe kaas en walnoten op een salade
Banaan / bakbanaan
- Gebakken met satésaus – bananenloempia
- Boboti met appel, rozijnen en banaan (Zuid-Afrikaans gehaktgerecht)
- Bakbanaan gebakken met kerrie op de zoete aardappel stamppot met paksoi
Druiven
- Geroosterd druiven bij mozzarella en tomaat
- Gebakken met kip, knoflook en basilicum
- Focaccia met rozemarijn, olijven en druiven
Aardbei
- In salade met venkel en amandelschaafsel
- In vinaigrette met basilicum en dragon
- Aardbei met geroosterde paprika doet het goed bij feta en watermeloen
door Yvette Magrijn
Inspiratiekaart ‘(Plant)Aardig gehakt’
Zie plantaardig gehakt als meer dan een duurzaam alternatief voor vlees. Het is een kans om nieuwe smaken en texturen te ontdekken. De Fusion keuken bracht ooit elementen van verschillende culinaire stijlen, tradities en kooktechnieken met migratiestromen. Zo kan je ook de komst van plantaardige producten zien.
Welk gehakt kies je?
Door een mix te maken van oude en nieuwe gerechten, valt het minder op dat er nieuwe ingrediënten gebruikt worden. Hieronder zetten we de soorten plantaardig gehakt op een rij met tips voor gebruik.
Soja–gebaseerd gehakt
- Voorbeeld: Garden Gourmet, Vivera, Naturli
- Kenmerken: Neutrale smaak, stevige structuur, hoog in eiwitten. Neemt smaken goed op.
- Kruiden: Knoflook, ui, oregano, tijm, basilicum, tomatenpuree.
- Receptidee: Spaghetti Bolognese
Mycoproteïne (schimmeleiwit)
- Voorbeeld: Quorn Vaste, vleesachtige structuur.
- Kruiden: Tijm, rozemarijn, knoflook, Worcestershiresaus, mexicaanse kruiden.
- Receptidee: Chili con Quorn
Erwteneiwit-gehakt
- Voorbeeld: Beyond Meat, Greenforce
- Kenmerken: Sojavrij, stevig en eiwitrijk, vaak iets sappiger dan Quorn. Kneed & klaar peulgehakt van Verstegen biedt de mogelijkheid om een bal van te draaien. Lidl heeft een rundergehakt waar voor 50 % erwteneiwit aan is toegevoegd.
- Kruiden: Komijn, gerookt paprikapoeder, chilipoeder, koriander, knoflook.
- Receptidee: Gehaktbal of slavink
Lupine-gebaseerd gehakt
- Voorbeeld: De Vegetarische Slager ‘Gehacktbal’
- Kenmerken: Glutenvrij, vezelrijk en licht nootachtige smaak.
Tofu-gebaseerd gehakt
- Voorbeeld: Zelfgemaakt (verkruimelde tofu), of kant-en-klare tofu-gehaktproducten van merken zoals Taifun of Albert Heijn.
- Basisingrediënten: Sojabonen, water en een stollingsmiddel zoals calcium- of magnesiumzouten. Neemt kruiden goed op.
- Kruiden: combineert goed met kerrie, kokos en andere Aziatische smaken. Ook in Surinaamse roti saus
Champignon-gebaseerd gehakt
- Voorbeeld: Zelfgemaakt (fijngehakte of gemalen champignons), of kant-en-klaar.
- Basisingrediënten: Champignons, soms gecombineerd met linzen, bonen of noten om eiwit toe te voegen. Natuurlijk vlezig, sappig, minder eiwitten dan soja, erwten of Quorn.
- Kruiden: Tijm, rozemarijn, witte peper, nootmuskaat.
- Receptidee: een shoarmaschotel
- Voor een steviger structuur kun je champignons combineren met walnoten, linzen of havermout.